4 Exodus kleurplaten

Het Bijbelboek Exodus gaat over de bevrijding en de reis van het volk Israël.Hier zijn de belangrijkste punten:

Slavernij: Het volk Israël leeft als slaven in Egypte.

Mozes: God kiest Mozes om het volk te leiden.

Plagen: God straft Egypte met tien plagen om de farao te dwingen hen te laten gaan.

Uittocht: De farao laat hen gaan, en ze trekken door de Rode Zee.

Woestijn: Het volk reist door de woestijn naar het beloofde land.

Wetten: Bij de berg Sinaï geeft God de Tien Geboden aan Mozes.

Tabernakel: Ze bouwen een draagbare tent om God te aanbidden.

Kortom: het is het verhaal van de uittocht uit de slavernij naar de vrijheid met God.

Mozes en Aäron gaan naar de Egyptische farao, om te vragen de Israëlieten te laten vertrekken. Dit is de eerste van de tien plagen uit de Bijbel. In Exodus 7 staat hoe Mozes en Aäron naar de Nijl gingen om de farao te waarschuwen. Toen de farao weigerde het volk Israël te laten gaan, sloeg Aäron met zijn staf op het water.De hele rivier veranderde in bloed. Alle vissen stierven en de Egyptenaren konden het water niet meer drinken. Zelfs het water in hun kruiken werd bloed.

Het complex was verdeeld in drie heilige delen:
Het voorhof: Het grote buitenterrein met het brandofferaltaar en het wasvat.
Het Heilige: De eerste kamer in de tent met de gouden kandelaar (menora), de tafel met toonbroden en het reukofferaltaar.
Het Heilige der Heiligen: De achterste, meest heilige kamer. Hier stond de Ark van het Verbond met de Tien Geboden erin.

De tabernakel was een draagbare tenttempel die diende als de woonplaats van God te midden van het volk Israël tijdens hun reis door de woestijn. Daarin stond ook de Ark van het verbond, de staf van Aäron en de twee stenen met de 10 geboden, en een kruikje met het manna kregen daarin een plaats.

Toen gaf God een wonderlijke opdracht. Mozes moest zijn staf uitstrekken over de zee. En wat gebeurde er? God stuurde een sterke wind, waardoor het water aan beide kanten bleef staan als hoge muren. Midden door de zee kwam een droge weg!
De Israëlieten mochten veilig door de zee trekken. Mannen, vrouwen, kinderen en dieren gingen allemaal mee. God zorgde voor Zijn volk.

← Terug naar overzicht

Bezoekers bekeken ook